Over de grens: 3 vrouwen over hun burn-out

Gepubliceerd op 3 December 2015 door Laure Vandendaele
Over de grens: 3 vrouwen over hun burn-out

BurnOut

Een boeiende, uitdagende en creatieve job maakt je niet immuun voor een burn-out. Radiopresentatrice Eva, lifestyleredactrice Tine en make-upartiest Elke knalden elk tegen hun persoonlijke  grens aan en moesten hun dolgedraaide leven terug in balans krijgen. Eva maakte een verre reis, Tine zocht hulp bij een mental coach en Elke vond haar toevlucht in yoga en schreef een boek. Drie vrouwen, drie verhalen uit het leven gegrepen.

Dit artikel verscheen in het novembernummer van ELLE België

Eva Daeleman (25) over haar moeilijke periode

Toen Eva Daeleman begin dit jaar maandenlang zonder pauze had gewerkt, leek het haar hoog tijd om er even op uit te trekken. Om de onvermijdelijke burn-out voor te zijn, zo redeneerde ze. Haar buitenlands avontuur van zeven weken verliep echter niet zoals gepland. “Ik had mezelf lange tijd ontvlucht, maar in Vietnam kon ik de spiegel niet ontwijken en werd ik verplicht om naar mezelf te kijken. En dat viel zwaar tegen.”

Radio maken, programma’s aankondigen op televisie, ondertussen nog even een wereldrecordje breken met Peter Van de Veire... Eva Daeleman deed het allemaal. “Op een bepaald moment dacht ik: als ik dit nog tot mijn 65ste moet volhouden, kan ik nu beter even op de rem gaan staan. Ik had vier jobs en ik werd zot. Ik had maandenlang enkel maar gas gege-
ven en dus echt een vakantie verdiend. Een lange vakantie! Niemand van mijn vrienden kon mee, dus ging ik maar alleen. Ik stond er geen moment bij stil of dat moeilijk zou zijn.”

Extreem veel wenen

En moeilijk was het al meteen. Bij aankomst in Vietnam kreeg Eva te maken met visum-
problemen. “Ik ben een mens van extremen en ging dus extreem onvoorbereid naar daar. Ik had ook niet goed nagedacht over de bestemming, ik wilde gewoon ver weg zijn. Maar dat bleek allemaal moeilijker dan verwacht.” Volgens de bekende radiostem zijn er drie types soloreizigers: zij die weglopen van iets, zij die iets zoeken en zij die willen feesten. “Ik was ervan overtuigd dat ik tot die laatste categorie behoorde, maar ik bleek in de eerste te vallen. Geen losbandig leven in een backpackers paradise, wel extreem veel wenen. Dat had ik in de maanden daarvoor niet meer gedaan en plots kwam alles eruit. Ik was echt ongelukkig. Alleen wou ik niet aanvaarden dat mij dit overkwam. Iedereen aan het thuisfront verwachtte immers dat ik eventjes de reis van mijn leven zou maken. De realiteit bleek anders en daar had ik veel moeite mee. Soms stond ik onder de douche te huilen en werd ik kwaad op mezelf omdat het de bedoeling was om een geweldige tijd te beleven. Dagen aan een stuk bleef ik wenen zonder dat ik wist wat er aan de hand was.”

Wankelen is oké

Ondertussen weet de soloreizigster dat wel. “Ik besef nu dat ik de schijn heel lang hoog heb moeten houden in België. Toen het uit was met mijn lief, moest ik twee dagen later een liveshow presenteren en doen alsof alles picobello was. Hier ben ik me heel erg bewust van het feit dat mensen mij vaak aanstaren en in de gaten houden. In Vietnam kende niemand mij, dus hoefde ik de schijn niet hoog te houden en daardoor ben ik ingestort. Ik ben met veel vragen naar Vietnam vertrokken, maar met nog meer vragen teruggekeerd. Tegelijkertijd heb ik enorm veel geleerd. Vorig jaar was ik misschien gelukkiger, maar ook naïever. Ik dacht dat ik mezelf goed kende, maar dat was niet het geval. Nu heb ik mezelf gezien en dat heeft me sterker gemaakt. Dat heb ik dus óók aan die reis te danken. Daarom wil ik graag over mijn avontuur communiceren. Ik ben namelijk niet de enige die het moeilijk heeft en naar zichzelf op zoek moest. Ik wil vooral meegeven dat wankelen ook oké is, dat een reis ook klote kan zijn, ondanks de torenhoge verwachtingen van het thuisfront.”Haar reis van zeven weken heeft Eva dus niet alleen tijdelijk diep ongelukkig gemaakt, maar ook een pak sterker. Toch blijft ze nog met veel vragen zitten. “Eigenlijk zou ik nóg eens alleen op vakantie moeten, om nóg eens met mijn kop tegen de muur te knallen. Ik heb namelijk nog veel te leren. Ik moet mezelf ook wel aanvaarden. Ik ben bijvoorbeeld nog altijd enorm onzeker, maar toch wel blij met mezelf, denk ik. Ik ben heel eerlijk, daar ben ik tevreden over. Soms misschien wel té eerlijk, want ik kan mensen soms cho-
queren. Ik ben gewoon enorm geïnteresseerd in mensen. En ik ben nu wel wat slimmer dan vorig jaar. Maar toch...”

en maar doorgaan

Ondanks het feit dat Eva’s verhaal naar een burn-out ruikt, wil ze die term liever niet in de mond nemen. “Ik hou me altijd sterk en kan eigenlijk heel veel aan. Tegen mijn ouders, allebei hardwerkende zelfstandigen, zeggen dat ik last heb van een burn-out, dat zou ik moeilijk vinden. Daarom blijf ik liever doorgaan. Toen de dokter tegen me zei dat ik een maand thuis moest blijven door de parasieten in mijn lijf, weigerde ik. Nu denk ik daar al anders over. Je moet kunnen toegeven als het te veel geweest is. Misschien heb ik wel een burn-out en moet ik dat gewoon durven zien. Maar dat is nu net niet eenvoudig. Ik ben tegelijkertijd de gaspedaal én de rem en dat maakt mij enorm onrustig.”“In de wereld heb je trapmensen en glijbaanmensen. Trapmensen kunnen een stap omhoog én omlaag, terwijl ik op de glijbaan zit: ik kan nooit terug, ik blijf maar gaan en moet hopen dat ik op mijn pootjes land. Daar heb ik me ook al bij neergelegd. Ik ben heel heftig in alles. Ik kan enorm gelukkig zijn en vind veel plezier in kleine dingetjes. Zoals deze koffie waar ik al de hele dag naar uitkijk en waar ik morgen nog met plezier aan kan terugdenken. Tegelijkertijd ben ik erg prikkelbaar en gevoelig voor wat er rond mij gebeurt. Ik kan me al slecht voelen als straks iemand zegt dat ik op een lelijke fiets rijd.”

Eindigen als Anouk

Of ze ooit alleen maar gelukkig zal kunnen zijn, zonder zich iets aan te trekken van de rest van de wereld, weet Eva niet. “Soms vraag ik me af of ik dat ga kunnen, ik zal alleszins niet rusten voor ik gelukkig ben!” Misschien kan de liefde een handje toesteken? “Een goed lief zou me alleszins wel rustiger maken. Ik voel me nu een beetje als een knikker die in een trechter zit op weg naar het putje. Maar om de een of andere reden blijf ik maar rondtollen. Als iemand mij het putje toont, zal ik erin vallen. Toch doemt de gedachte wel eens bij me op dat ik zal eindigen zoals de Nederlandse zangeres Anouk. Veertig jaar, vijf kinderen bij drie verschillende kerels en alleen. Maar goed, al mijn beste vriendinnen zijn momenteel single. Heel gek is dat, omdat we allemaal naar hetzelfde verlangen. Misschien zijn we te zelfstandig. En misschien ben ik wel iets te dominant. Ik heb iemand nodig die me aankan.”

1/

TineBurnout

Tine Zwaenepoel (35) nam een time-out

Een gezond evenwicht vinden tussen carrière, gezin en tijd voor jezelf, het is iets waar elke werkende moeder mee worstelt. Voor Tine, redactrice bij ELLE en mama van Daan (7) en Nieke (5), verliep die struggle for life een stuk moeilijker. Na maanden van oververmoeidheid, opgehoopte stress en leven in overdrive kwam de spreekwoordelijke klop van de hamer en viel het verdict: burn-out. Met de hulp van een mental coach ziet ze na een rustperiode van twee maanden terug licht aan het eind van de tunnel.

Hands-on, proactief, plichtsbewust, prestatiegericht, perfectionistisch. Het zijn het soort van cliché eigenschappen die gunstig staan op een cv, maar die behoorlijk afmattend zijn als ze je karakter domineren, laat staan je leven gaan beheersen, zoals in het geval van Tine. “Ik deed zo hard mijn best om altijd en overal de overtreffende trap van mezelf te zijn, dat een crash onvermijdelijk was.”

Instortingsgevaar

De burn-out was het eindresultaat van een sluimerende vermoeidheid die al maandenlang aansleepte. “Ik zat al een tijdje vast in een negatieve spiraal van slecht slapen, vermoeid opstaan, uitgeput aan de dag beginnen. Ik werd elke nacht rond vier uur wakker: een rollercoaster van gedachten raasde door mijn hoofd, de onrust was zo erg dat ik niet meer kon blijven liggen. Ik dwaalde elke nacht als een zombie door het huis en viel tegen de ochtend in slaap in de zetel.“ Tine deed haar slaapprobleem aanvankelijk af als iets van voorbijgaande aard en bleef onverminderd doorgaan, zij het steeds meer op automatische piloot. In haar ogen was ze gewoon een van de miljoenen multitaskende moeders die zichzelf wel eens verliezen in de race tegen de klok. “Ik had geen boodschap aan praktische handboeken voor happy mama’s die het allemaal perfect voor elkaar krijgen, maar trok me liever op aan de herkenbare verhalen van vriendinnen die ook druk bezig zijn om werk en gezin te combineren en net zoals ik niet meer toekomen aan zichzelf.” De dagelijkse werkdruk met daarbovenop de slopende files en de zorg voor een gezin begonnen stilaan hun tol te eisen. “Hobby’s en ontspanning werden als eerste uit mijn agenda geschrapt. Ik kwam ‘s avonds zo overprikkeld thuis dat ik er überhaupt niets extra’s bij kon nemen. Tijdens de rit naar huis was ik al bezig aan mijn to-dolijst voor de volgende dag, gefrustreerd omdat ik niet alles had rondgekregen, terwijl vanbinnen het schuldgevoel knaagde omdat ik de kinderen amper had gezien. Mijn leven ging compleet aan me voorbij, maar ik had geen andere optie. Ik zat muurvast.”

Toen haar zoon de diagnose ASS (autismespectrumstoornis) kreeg en hij veel structuur en extra aandacht nodig had, ging ze helemaal onderuit. “Ik runde mijn huishouden als een manager: ik had bij elke onverwachte omstandigheid wel een plan B achter de hand en bleef achter met een gevoel van machteloosheid als het toch verkeerd liep. Tegen dat de kinderen op school zaten, had ik vaak al een hele dagtaak achter de rug. Er was altijd wel een afwasmachine te legen, een broek te strijken of een lunchpakket klaar te maken. Hoe meer werk ik verzette, hoe meer ik het gevoel had dat ik goed bezig was, dat ik alles onder controle had. Idem op de redactie. Ik ben het type dat altijd ja zegt, ook als ze nee bedoelt. Ik waande me onmisbaar en wilde niemand in de steek laten. Om de vermoeidheid te compenseren en de schijn op te houden, probeerde ik nog harder mijn best te doen, terwijl mijn mentale weerstand steeds verder in het rood ging. Op het werk voelde iedere opmerking als een persoonlijke aanval, thuis kon ik voor het minste uitvliegen tegen de kinderen en mijn relatie kwam onder druk te staan. Ik raakte stilaan vervreemd van mezelf.” Huilbuien, schuldgevoelens, woedeaanvallen en momenten van intens zelfmedelijden wisselden elkaar in sneltempo af. Het breekpunt was bereikt.

Verplichte rust

Tine besloot een afspraak bij de huisarts te maken om een voorschrift voor een slaap-
middel te vragen, in de naïeve veronderstelling dat de oververmoeidheid daarmee vanzelf wel zou overgaan. “Ik zat nog steeds in de ontkenningsfase, het woord burn-out was tot dan niet bij me opgekomen. Voel ik me uitgeblust omdat ik slecht slaap of slaap ik slecht omdat ik uitgeblust ben, vroeg ik aan de dokter. Het antwoord was veel complexer en kwam aan als een koude douche. Hij wou me iets rustgevends voorschrijven om mijn slaap te bevorderen, maar enkel op voorwaarde dat ik mijn burn-out bij de wortel zou aanpakken. Het woord was eruit. Ik was officieel uitgeblust en werd met onmiddellijke ingang op ziekteverlof gestuurd, twee weken om te beginnen. Het werden uiteindelijk twee maanden. Een eeuwigheid. Hij gaf me nog een visitekaartje mee van een professionele coach waarmee ik zo snel mogelijk contact moest opne-
men en legde meteen een nieuwe consultatie vast om mijn vorderingen te kunnen opvolgen. Ik had geen vluchtroute meer. Thuis kreeg ik visioenen van wat ik in die tijd allemaal zou kunnen doen. Mijn kleerkast uitmesten. De badkamerkranen ontkalken. De administratie bijwerken. Meer quality-time met de kinderen doorbrengen. Alles om de confrontatie met mezelf te ontlopen. Ik was zo down dat ik de fut niet had om na te denken wat ik zélf wilde, ik had geen idee meer wat me gelukkig kon maken. Ik voelde me compleet leeg. De eerste twee weken thuis waren bijzonder heavy, ik ging door een soort van afkickproces waarbij ik mezelf moest verplichten om rust te nemen. Noem het een stoomcursus nietsdoen voor beginners, met pauzes in blokjes van vijf minuten die stelselmatig opgebouwd werden naar een kwartier, een halfuur, een uur. Ik bleek een dwangmatige doener: van zodra ik ging zitten, werd ik blootgesteld aan een overdosis prikkels - een leeg bord op tafel, een pluisje onder de kast, vuile vingers op het raam. Tegelijk kwam ook de gedachtestroom terug op gang: ik voelde me gefaald als moeder, als partner, als collega. Het was duidelijk dat ik er alleen niet zou uitgeraken.”

Wederopbouw

Het uiteindelijke telefoontje naar de coach voelde als een kleine overwinning en was een belangrijke eerste stap in het herstelproces. “Door aan mezelf toe te geven dat ik effectief hulp nodig had, viel er een grote last van mijn schouders. Bij het intakegesprek was onmiddellijk duidelijk dat er geen ruimte was voor betuttelend gedoe. Vooruitkijken was de boodschap. Net wat ik nodig had. Op basis van een grondige introspectie aan de hand van negen persoonlijkheidstypes kwam ik erachter dat ik een chronische piekeraar ben met een overactief doe-centrum. Mijn buik (doen), hoofd (denken) en hart (voelen) waren totaal uit balans. Ik moest leren loslaten, relativeren en vooral beginnen mezelf liever te zien. Het is oké om niet perfect te zijn. Er werd een gepersonaliseerd plan van aanpak opgesteld, met ontspanningsoefeningen op maat, reflectieopdrachten voor thuis en praktische tips met instant effect, zoals elke avond een koud voetenbad nemen om de negatieve energie kwijt te geraken. Of voldoende bewegen om fysiek moe te zijn in plaats van emotioneel uitgeput. Tijdens de one-to-one gesprekken kwamen de opgekropte emoties los, het deed deugd om mijn rugzakje te legen en ruimte te maken voor nieuwe uitdagingen. Jezelf vanaf nul terug opbouwen is hard werken, maar het resultaat werd na een maand al voelbaar. Ik kon terug door-
slapen zonder slaappillen, stond ‘s morgens uitgerust op en kreeg opnieuw zin om plannen te maken. Ik kon niet wachten om terug aan het werk te gaan, maar de coach behoedde me voor een vals gevoel van genezing. De veiligheid van thuis is geen referentie, ik moest eerst voldoende bufer inbouwen voor ik me terug in de dagelijkse realiteit zou storten. Ik nam de resterende time-off voor mezelf, een narcistische luxe die ik me daarvoor nooit zou hebben toegestaan. Vier maanden later heb ik mijn oververmoeidheid overwonnen en begin ik stilaan terug grip te krijgen op mijn leven. Ik ben nog niet helemaal uit de gevarenzone, maar ik ben wel beter gewapend tegen de triggers. Het komt er nu op aan om alle theoretische tips en tools in de praktijk te brengen en er een routine van te maken. De audioboeken van collega C. loodsen me voortaan stressloos door de file, ik plan wekelijks een avond voor mezelf en ik start elke dag met het goede voornemen om niet meer over mijn limiet te gaan.

Maar het blijft een work in progress. ”Tine volgde een persoonlijk coachingtraject bij Iris Heijlen van Strawberryfields. Meer info: strawberryfields.be/happy

2/

ElkeWillemen

Make-upartiest Elke Willemen

Zes jaar lang was Elke Willemen (35) senior make-upartiest bij M.A.C Cosmetics. Een job die ze met hart en ziel uitoefende, maar die ook heel veel van haar vroeg. Onlangs besliste ze om een nieuwe weg in te slaan, met het boek ‘Make Up. My Story’ en een duidelijke boodschap: “We moeten allemaal niet zo streng zijn voor onszelf.”Als senior make-upartiest bij M.A.C Cosmetics reisde Elke Willemen jarenlang de wereld rond. Een droomjob, maar wel eentje met een fikse prijs. “Net omdat ik zo veel van mijn werk hield, kon ik geen grenzen stellen. Ik zei nooit nee. De perfectionist in mezelf liet dat niet toe. Nooit nam ik de tijd om tot rust te komen. Ik bleef maar gaan. Ik was het echt verleerd om naar mijn uitgeputte lichaam en geest te luisteren. Maar op een gegeven moment liep het mis in mijn hoofd. Ik begon me plots af te vragen of ik mijn job nog wel graag deed, of ik nog wel van make-up hield, of ik mijn vrienden nog leuk vond. Ik heb in heel die periode geen make-uppenseel meer vastgenomen. Ik kon zelfs de energie niet meer vinden om de telefoon op te nemen als een van mijn beste vriendinnen belde. Voor mij was dat de alarmbel: als ik dit al niet meer kan opbrengen, is er iets grondig mis.”

Faalangst en schuldgevoel

Het verdict van de therapeut liet niet lang op zich wachten: burn-out. “Dat voelde voor mij aan als een persoonlijk falen. Ik was heel kwaad op mezelf. Toen mijn therapeut me zei dat ik heel erg ziek was en even thuis moest zitten om niets te doen, voelde dat aan als een straf. Naast faalangst ontwikkelde ik ook een schuldgevoel naar mijn werkgever toe. Een zware dobber. Voordien had ik nog niet zo veel over burn-out gehoord. Ik was zo druk bezig met reizen en werken dat ik er ook niet alert voor was. Ik kon het dus ook niet vatten dat het mij was overkomen. Nooit had ik er bij stilgestaan dat ik om te herstellen meer dan een maand buiten strijd zou zijn, laat staan langer dan een jaar. Ik associeerde burn-out met een zware vermoeidheid, maar niet met een mentale ziekte. Depressie, die ernst zag ik wel in. Daar was ik als puber al eens mee in aanraking gekomen. Maar burn-out?”

Toen Elke aan haar familie vertelde waar ze mee kampte, was er niet meteen begrip.
“Het heeft lang geduurd voor mijn familie het kon vatten. Ook zij wisten niet goed wat een burn-out precies was. Ik vertelde hen vooral over mijn fysieke klachten, omdat ze die konden begrijpen en ik mezelf op die manier kon verantwoorden. Voor mijn ouders - allebei harde werkers - bleef het wel een abstract begrip. Hoe moeilijk kon het leven in zo’n glamourwereldje zijn? Ik stelde mezelf die vraag ook. Mijn therapeut heeft me letterlijk moeten vertellen dat ik ziek was en dat een burn-out niet te onderschatten is. Ondertussen had ik dat wel door. Ik had jarenlang roofbouw gepleegd op mijn lichaam en daar moest ik uiteindelijk de prijs voor betalen. Ik ben echt heel diep gegaan.”

De pijn verzacht

Elkes burn-out had ook een grote impact op haar toenmalige relatie. “Mijn relatie was vrij pril toen ik thuis zat om die burn-out aan te pakken. Het had een enorme impact aangezien ik alles in twijfel trok en een hele tijd niet meer wist wie ik was. Dat was heel moeilijk voor mijn toenmalige vriend die me op elk vlak wilde ondersteunen en me alleen maar gelukkig wilde maken. Maar ik moest dat zelf doen, ik was zelf verantwoordelijk voor mijn eigen geluk. Met hoeveel liefde hij me ook omringde, het kwam soms gewoon niet binnen en na maanden was ook hij zichzelf een beetje verloren in onze relatie. Ik ben hem wel waanzinnig dankbaar dat hij toen in mijn leven was. Hij heeft zo vaak mijn pijn verzacht en me geliefd laten voelen. Een mooier geschenk had ik me in die periode niet kunnen inbeelden.”

Het dieptepunt van de burn-out bereikte Elke toen er ook nog een depressie bij haar vastgesteld werd. “Mijn kop moest eraf, dat was het enige dat mij nog rust zou geven. Ik was die constante stroom van gedachten zo beu. Ik werkte keihard om beter te worden, maar het voelde alsof ik geen stap vooruit kwam. Ook in mijn genezingsproces was ik perfectionistisch, ik wilde het meteen snel en goed doen. Maar eigenlijk zag ik geen licht aan het einde van de tunnel. Ik ben met mijn kop tegen de zwarte vlakte moeten gaan voordat ik stilletjesaan terug naar boven kon kruipen. Mocht ik dat diepste moment niet hebben meegemaakt, zou ik die burn-out nooit verwerkt kunnen hebben. Gelukkig ben ik altijd in een goede afloop blijven geloven. Zelfmoordgedachten zijn nooit in me opgekomen.”

Mooie, jonge meisjes

Volgens haar therapeut, een vrouw met wie Elke meteen een goede klik had, was er sprake van een laag zelfbeeld. Iets waar haar job natuurlijk veel mee te maken had. “Ik keek altijd naar mooie, jonge meisjes en als ik mezelf dan in de spiegel zag, was het soms schrikken. Ik leefde in een wereld vol mooie mensen. Maar dat is niet de reden waarom het is misgelopen. Ik ben van
nature uit enorm perfectionistisch en heel streng op mezelf. Nooit was het goed genoeg. Bovendien wilde ik ook altijd voor andere mensen zorgen. Zolang zij het maar goed hadden, was ik tevreden. Maar ondertussen mag je jezelf niet verwaarlozen natuurlijk. Dat heb ik the hard way moeten leren. Gelukkig kon ik beroep doen op mijn therapeut, bij wie ik wekelijks op consultatie ging. In het begin voelde ik me na onze gesprekken nog slechter, maar na verloop van tijd begon ik me beter in mijn vel te voelen. Dankzij haar ben ik gaan beseffen dat we milder mogen zijn voor onszelf.”

Ook yoga en goede voeding hebben Elke een flinke duw in de rug gegeven. “Tijdens de eerste maanden van mijn burn-out kon ik niks. Pas later ben ik rustig begonnen met yoga. Ik was helemaal niet lenig en kon vaak mijn balans niet vinden, waardoor ik regelmatig viel. Ik moest leren dat het oké was om te vallen en dat ik opnieuw kon beginnen. Het was een goede oefening om geduldig te leren zijn met mezelf. Ook door gezond te eten voelde ik me beter. Ik ben daar zeker niet extreem in geworden, maar ik voel het wel meteen als ik een paar dagen slecht eet. Mijn energieniveau is dan een stuk lager en ik raak sneller geïrriteerd.”

Juiste formule

Op de vraag of ze nu gewapend is tegen een eventuele nieuwe burn-out, antwoordt Elke
heel kordaat. “Ik ben ervan overtuigd dat ik nooit zal hervallen. Nu herken ik alle signalen die mijn lichaam en geest uitsturen. Net omdat ik zo diep ben gegaan, heb ik alle problemen uit mijn verleden weten op te lossen. En ik heb de juiste formule gevonden: vrienden bezoeken, gezond eten, yoga en vroeg gaan slapen. Achteraf bekeken was die burn-out een cadeau. Ik ben nu veel gelukkiger dan voordien. Het was het zwaarste dat ik ooit heb moeten ondergaan, maar ik ben er sterker uitgekomen.”

Wanneer breekt de veer?
Je voelt je al een tijdje prikkelbaar, onrustig en emotioneel leeg. Het kost je moeite om geconcentreerd en gemotiveerd te blijven op het werk. Je hebt nergens nog zin in en alles is te veel. Je zit op je tandvlees, maar blijft tegen beter weten in verderdoen. Je bent oververmoeid en je voelt je down. Je hebt last van fysieke klachten als hoofdpijn, spierpijn of maag- en darmproblemen. Allemaal signalen die mogelijk op een burn-out wijzen. Een burn-out kan zich op verschillende manieren manifesteren, maar het resultaat is hetzelfde: je bent zowel mentaal, lichamelijk als emotioneel uitgeput. Om uit te maken of je inzinking een tijdelijke dip is of een echte burn-out, maak je het best zo snel mogelijk een afspraak bij de huisarts. Aan de hand van een medische checklist kan de diagnose snel gesteld worden en kun je doorverwezen worden naar een professionele therapeut of psycholoog.