24 uur in New York City

Geüpdatet op 4 September 2014 door Laure Vandendaele
24 uur in New York City

24uNewYork

Morgen gaat de modeweek van New York van start. Terwijl modejournaliste Marjolijn as we speak in de lucht richting Big Apple hangt, geniet ik nog na van een blitzbezoekje aan de inspirerende metropool. Wat doet een mens met 24 uur in New York City op de agenda? Slapen alvast niet. Want dat is in the city that never sleeps niet aan de orde. Voor je het weet is alles immers weer in a New York minute voorbij.

‘Het leven zit vol verrassende wendingen’. Het zijn de profetische woorden waarmee hoofdredactrice Nica Broucke steevast een nieuwe ELLE op gang trapt en ik kan haar geen ongelijk geven. Wat begon als een gewone werkdag op de redactie in ons geliefde hol van Pluto, eindige met een vliegtuigticket richting New York in mijn mailbox. De reden waarom ik als een gek naar mijn paspoort begon te zoeken was een interview met aanstormend talent Lorenzo Richelmy, een Italiaanse acteur die voor de nieuwe Netflix productie in de huid van ontdekkingsreiziger Marco Polo kruipt én aan de vooravond van zijn internationale doorbraak staat. Alles over Lorenzo’s eigen ontdekkingen leest u trouwens in het decembernummer van ELLE België.

Voor één dag naar New York vliegen, sommigen verklaarden me voor gek. Ik maal er niet om, tel 6 uur tijdswinst bij een onophoudelijke adrenalinerush en je vermorzelt die jetlag met de hak van je stiletto als was het de peuk van Olivia Newton John.

Drie films en evenveel glazen witte wijn later rolt mijn koffer al van de bagageband van JFK en kan ik op zoek gaan naar de chauffeur die een bordje met daarop mijn naam in de lucht houdt.

Terwijl de zomer zich bij ons net voor de aanvang van een nieuw schooljaar van haar slechtste kant laat zien, is er in New York zelfs van een indian summer nog geen sprake. Het kwik flirt met de 30 graden en mijn te weinig gedragen zomerjurken branden van verlangen om uit mijn volgestouwd koffertje gehaald te worden.

NYskyline
Wanneer de chauffeur me vertelt hoe hij zijn vrouw voor het leven aan zich bond (‘ik zal van je houden tot wanneer al het water van de zee op is’ – nooit dus), hoe belachelijk hoog de huurprijzen in Manhattan zijn en waarom zijn puberende dochter een pain in the ass is, doemt in de verte de bekende skyline van New York op. Een moment dat iedere keer weer met een ontploffende confettibom in de maagstreek gepaard gaat. So excited!

In het hotel ruil ik mijn comfortabele reisoutfit om voor een meer zomers en stijlvol silhouet. Bij Macy’s – handig om de hoek -  trakteer ik mezelf op een paar sneakers die ik meteen aantrek om de stad op goede voet te verkennen. Zoals het een echte toerist betaamt, passeer ik langs Times Square waar ik meteen een voorraad uitheemse M&M’s (Amandel! Pretzel! Pindakaas!) en Reese’s Peanut Butter Cups insla.


Ondanks het feit dat ik de sociale media bij momenten vervloek, komt die ‘Swarm-app’ nu wel handig van pas. Een bekende kop is toevallig ook in town en we spreken af voor cocktails. Ik duik de subway in en kom boven in Soho waar ik tussen de mensenzee meteen een vertrouwd gezicht spot. We hangen aan de bar van Back Forty (190 Ave B @ 12th St) tot wanneer ik bij de eerste tekenen van dronkenschap wijselijk beslis een taxi richting hotel te nemen.


Omdat de wijzers van mijn inwendige klok intussen in alle richtingen draaien, ben ik om 5 uur ’s ochtends klaarwakker. Een douche en wat mailtjes checken later ben ik helemaal klaar om aan de dag te beginnen. Ik sla het hotelontbijt over en wandel een uitgestorven 5th Avenue af richting Central Park. De laatste keer dat ik de groene long van New York betrad, zakte ik tot mijn knieën in de sneeuw, nu was het nog rustige park dé uitgelezen plek voor een early morning work-out.


Na al dat gesport heb ik wel een stevig ontbijt verdiend. Met mijn laatste krachten loop ik naar Cosmic Diner (888 8th Avenue Corner of 52nd Street) een heerlijk Amerikaanse diner waar ook wat locals in de kitcherige faux-leder zeteltjes ploffen. Laat de liters slappe koffie en blueberry pancakes maar komen!

Terug naar de orde van de dag. Ik ben hier immers om te werken. Ik besluit de meer dan twintig blokken naar Chelsea, waar het interview in de Norwood Club zal plaatsvinden, te voet te doen. Onderweg loop ik een van de vele beauty parlours binnen om mijn wenkbrauwen nog even snel onder handen te laten nemen. Eén minuut later zit ik in de stoel en brengt een sympathiek vrouwtje mijn wenkbrauwen met behulp van twee draadjes weer helemaal in vorm. Het klusje neemt niet meer dan 10 minuten in beslag en kost me amper 8 dollar. Lang leve de city of convenience!

Ik spoed me nog even naar de Highline waar ik mijn voorbereide vragen nog snel overloop op een bankje in de zon. Na een snelle lunch in de Chelsea Market rep ik me naar de Normwood Club voor het interview. In het toilet wissel ik mijn sneakers snel in voor een paar felgekleurde pumps. Kwestie van onaangename sneakergeuren voor de zekerheid te verdoezelen, zwier ik mijn voet in de lavabo voor een kattenwasje. Balancerend op één been en met een korte rok die een flink stuk bil prijsgeeft schrob ik mijn vermoeide voetjes schoon. Uiteraard vliegt net op dat moment de deur van – wat ik dacht – het damestoilet open en sta ik oog in bil met een chic aangekleed heerschap dat zich blozend verontschuldigt en snel uit de voeten maakt. Just my luck. Ik loop snel naar de tweede verdieping waar ik met fris gewassen voetjes eerst met acteur Lorenzo Richelmy en later met zijn Chinese tegenspeelster ZhuZhu (spreek uit Ju Ju) aan tafel schuif. We nemen afscheid met twee dikke kussen en maken (op zijn vraag) samen een selfie.


Na het interview volgt een receptie met de internationale pers en raak ik aan de praat met een hilarische redacteur van het Mexicaanse blad Quien en een ‘on air talent’ (wat wij gewoon een presentatrice noemen) van VH1. Ik bestrijd de sluimerende vermoeidheid met een paar glaasjes champagne en gefrituurde zoetigheden terwijl we praten over New York, de Kardashians en we gissen of Lorenzo (die ook op het feestje verscheen) al dan niet single is. (hij heeft een vriendin). Een paar uur later slaat de vermoeidheid toe en kan ik ter plekke in slaap vallen. New York City girl Delaina is zo aardig om samen met mij de 20 something blokken naar mijn hotel te wandelen. ‘For us it’s safe to walk around alone, for you…not so much’, drukt ze me op het hart voor we de warme nacht in stappen.

De volgende ochtend ben ik alweer vroeg uit de veren en besluit ik wijselijk om mijn laatste uren New York zinvol te spenderen. Alweer te voet wandel ik richting het Whitney Museum of American Art waar nog tot 19 oktober een retrospectieve over Jeff Koons loopt. Onderweg sluit ik me ter hoogte van het Rockefeller Center – zoals ik wel vaker doe – aan bij een groepje toeristen dat door de stad gegidst wordt. Ik pik snel een lesje geschiedenis mee en maak intussen ook kennis met de term ‘tourist neck’. Die van mij doet inderdaad al een beetje pijn van al dat naar boven kijken.

Ik passeer langs de openbare bibliotheek (waar het huwelijk van Carrie Bradshaw en Mr. Big nét niet doorging), Bryant Park en vergaap me enkele blokken verder aan de fantastische etalages van alle chique winkels op Madison Avenue. Om hier te shoppen is helaas geen tijd (en laten we eerlijk zijn, geen budget). De 20 dollar voor het toegangskaartje voor het Whitney kan ik gelukkig wel ophoesten en terwijl een audio tour me doorheen de overzichtstentoonstelling van Jeff Koons loodst, besluit ik dat een museum bezoeken toch een beetje zoals winkelen is, maar dan voor je hersenen. De tijd begint de dringen maar ik kan het niet laten om ook eens langs de permanente collectie met werken van Andy Warhol en Edward Hopper te wandelen.

Mooie liedjes (Sinatra’s 'New York, New York', Jay-Z’s ‘Empire State of Mind’) duren niet lang, bijna tijd om naar huis te gaan. Maar niet voor een stop bij Sephora waar ik het winkelmandje naar goede gewoonte zonder dollars te tellen vul. Ja, roze Blow Dry Clips voor het haar zijn een must.


Wanneer ik een uurtje later terug bij het hotel arriveer, staat de wagen met mijn naam op het bordje achter het raam al voor de deur geparkeerd. The end is nigh. Terwijl de stad die niet aan dutjes doet steeds verder achter me komt te liggen, val ik in slaap op de achterbank van een SUV. Nog drie films, evenveel wijntjes en ik ben weer thuis. Maar, ik kom terug! Voor minstens 48 uur!