Vrouw versus dieet: foodamentalisme

Geüpdatet op 11 Juni 2015 door Caroline
Vrouw versus dieet: foodamentalisme

0142548

FOODAMENTALISME: hoe we god vervingen door superbesjes

Tenzij je de voorbije jaren echt in een hol hebt gewoond, heb je vast wel eens gehoord van het paleodieet, het Atkinsdieet, het vastendieet, het raw food dieet en het het-interesseert-me-eerlijk-gezegd-geen-bal-meer-dieet. Mogen we a.u.b. weer gewoon eten tot de medische wereld eindelijk een consensus bereikt over wat wel en niet gezond is?

Een tijdje geleden ving ik een flard op van ‘Man v. Food’, een erg verfrissend tv-programma. Presentator Adam Richman reist elke week naar een andere Amerikaanse stad, waar hij de lokale ‘pig joint’ uitprobeert. Het soort zaak waar de friteuse de afmetingen heeft van een jacuzzi en het zitmeubilair gestut wordt met staal dat ze gebruiken om wolkenkrabbers te funderen. De meeste van deze pig joints hebben een ‘challenge’ op het menu staan. Een pizza roll ter grootte van een opgerold tapijt of een hamburger waar een volledige varkenskwekerij in vermalen zit. Richman werkt het allemaal naar binnen, eerst met een glimlach, daarna kokhalzend en met tranen in de ogen. Het vaste cliënteel moedigt hem luidkeels aan. Zij weten hoeveel karakter het vergt om twee kilogram vet met suiker tot maaginhoud te verwerken. “Adam! Adam! Adam!”, tot hij het laatste geglazuurde vlees van een sparerib knabbelt, een luide boer laat en bedwelmd door 8 000 calorieën zijn vettige duimen opsteekt naar de camera. Als voedsel dan toch de nieuwe porno is, kan je je afvragen waarom de programmamakers niet een stapje verder gaan. Ze zouden Richman bijvoorbeeld de volgende ochtend kunnen filmen, wanneer het echt interessant wordt. Een bevalling is er vermoedelijk niks tegen.
Bref, ik hoef hem niet in volle arbeid te zien om te weten dat hij voor een (frisse) wind zorgt. Niet één keer heb ik Richman horen zeggen dat hij lactose- of glutenintolerant is of dat hij alleen rauw voedsel eet en hoewel zijn tafelmanieren veel weg hebben van die van een holbewoner, is paleo niet aan hem besteed. Hij verandert geen twaalf keer van mening over het feit of boter al dan niet gezond is en ligt niet wakker van de vraag of onze voorouders kokosmeel, avocado’s en macadamianoten aten (het antwoord is nee).

Laatst was ik op een trouwfeest waar de bruid en bruidegom kosten noch moeite hadden gespaard om te zorgen dat elke gast gevoed werd volgens diens (al dan niet waanzinnige) dieet­obsessie of (al dan niet ingebeelde) voedsel­intolerantie. Met een briefing per bord: die paleo, die geen koolhydraten, die geen gluten... Bleek dat de raw foodie zich inmiddels tot veganisme bekeerd had en het aantal glutenintoleranten met vijf procent was toegenomen sinds de kok zijn menu had opgesteld.
“Weet je wat het is?”, zei de gefrustreerde bruid daags na het feest. “De wereld wordt geregeerd door angst. Angst voor terreur, angst voor kanker, angst voor voedsel, angst voor alles. Vroeger stond er een positieve boodschap op de etenswaren. ‘Met omega 3’, bijvoorbeeld. Nu kan je geen bloemkool kopen of er hangt een etiket aan: ‘zonder gluten of lactose’. Of een fles water zonder koolhydraten. Wat een bullshit. Weet je dat De Standaard nu ook al een correspondent ‘Suiker’ heeft? Misschien is correspondent ‘Voedingsterreur’ een accuratere benaming.” Ze heeft het feestmaal nog niet verteerd.

Niet eens zo lang geleden leed ik aan mijn eigen voedselobsessie. Het gevolg van een sterfgeval in de familie. De kanker kon niet met zekerheid aan iets gerelateerd worden, maar ik wilde toch zeker zijn dat ik het niet zou krijgen. En zo ontplooide zich het eeuwig uitdeinende universum van de dwangneurose. Angst werd een hobby en een dieet. De plaatselijke supermarkt veranderde al gauw in een soort Tsjernobyl. Elk product verborg een onzichtbaar, sluipend en dodelijk gif. Hoe kunnen ze hier ongestraft koffiekoeken en sandwichen verkopen, vroeg ik me af. De appels waren zelfs niet bio. Chemisch afval dus, net zoals de bananen en de kiwi’s. Het duurde niet lang voor ik mijn heil zocht bij Bioplanet, de Battlestar Galactica onder de supermarkten, beschermer van de mensheid en haar smetteloze gezondheid.
Helaas bleef het daar niet bij en viel ik al gauw mijn omgeving lastig met mijn nieuwbakken wijsneuzerigheid over eten. Ik schreef zelfs een artikel getiteld ‘Gij zult zaad eten’. Complete waanzin, besef ik nu, met de luxe van de terugblik. Ik heb nooit voedingsleer gestudeerd. Ik ben gewoon een dwangneuroot die door omstandigheden gefixeerd raakte op voeding. Maandenlang cirkelde ik als een aasgier boven de borden van mijn onschuldige slachtoffers, ongevraagd commentaar leverend over te witte rijst, te witte pasta, te witte chocolade... Ik maande iedereen aan om meer jazoezelbladeren en zumzumballen te eten (te bestellen op internet aan vijftig euro per zakje van 100 gram) terwijl ze me eigenlijk oorvijgen en muilperen hadden moeten verkopen.
Gelukkig geraakte ik mezelf al snel kotsbeu. Ik werd ziek van het constante geneut over mijn gezondheid. Dus je leeft langer? Eerlijk gezegd val ik liever ter plekke dood dan negentig jaar opgesloten te zitten in een mentale gevangenis, op een masochistisch dieet van 100% chocolade, zeewier en drie liter water per dag. In afzondering, want niemand kan me nog uitstaan. Of nog erger, in het gezelschap van een horde zelfgenoegzame dieetfundamentalisten die meewarig kijken omdat mijn gojibessenreep niet rauw genoeg is. En me nog schever bekijken als ik kanker krijg. Had ik maar kokosmelk moeten drinken in plaats van amandelmelk. Als mens ben je immers 100% aansprakelijk voor de biochemische processen in je lijf, alle genetica, milieuvervuiling en brute pech ten spijt.

“Als het god belieft, dans ik de charleston op mijn tachtigste”, zei mijn grootmoeder wel eens. En dat deed ze, ondanks het feit dat ze zichzelf niet veel ontzegde. Nu luidt het: “Als ik mijn paleo­dieet met een veganistische levensstijl combineer, doe ik nog geavanceerde yogaposes op mijn 130ste.”
Waar is god als je hem nodig hebt? Niet de strenge, bestraffende god van de harde lijn, want die is bijna even erg als Sonja Kimpen. Maar de goede vader die begrip had voor een occasionele dwaling en ook wel eens als noodlot fungeerde, zodat we het onaanvaardbare konden aanvaarden. Niet dat je me nu ineens in de kerk zal vinden. Eerder in de zetel, genietend van Adam Richman, die een gefrituurde pizza met doos en al naar binnen propt, zodat ik het niet meer hoef te doen.