Amélie O. over de briljante en stijlvolle maffia bij Dior

Geüpdatet op 3 Oktober 2017 door ELLE België
Amélie O. over de briljante en stijlvolle maffia bij Dior

opening dior

Nu columniste Amélie O. haar droomprins aan de haak geslagen heeft, ziet zij geen noodzaak meer om het met u over seksuele accidenten, anomalieën en occasionele perversiteiten te hebben. Voortaan zal zij u berichten over die andere branche waar zoveel lust, kwelling, hysterie en obsessie in rondwervelt, te weten: de Mode, die immer knetterende broeihaard van talent en genialiteit, van vlijmscherpe nijd, van hopeloze aspiraties, van vrouwonvriendelijk textiel en van hilarische zelfoverschatting.

Omerta

Geachte, beste, allerliefste fashionista. In de modespecial van vorige maand viel mij een kleine maar cassante frase op. ‘Dior, made in Belgium’ stond er. Het fijne artikel in kwestie haalde de Big Five aan, allemaal Belgen die de creatieve teugels bij Dior in handen hebben. Het gaat hier om Raf Simons (o Raf, mon cher Raf, enigmatisch wonder), om Kris Van Assche, Peter Philips, Olivier Rizzo en Willy Vanderperre. De Vijf kennen elkaar al sinds hun prillere jaren in Antwerpen en heden werken ze dus samen aan één groot project, het Huis Dior. Made in Belgium? Dior raapt wel de vruchten van Belgisch talent, maar helaas wordt niemand in het moederland daar beter van, vrees ik. Alleen de trots is onze troost.
Alors, zijn de Vijf zelf trots op hun afkomst? Wat mijn allercharmantste, knappe en minzame Raf betreft: die deinst er niet voor terug in alle, werkelijk álle interviews te verwijzen naar zijn ontdekkingsjaren in de negorij van Neerpelt, bij hard wrochtende ouders die wel het beste met hem voorhadden maar verder geen morzel culturele ambitie in hun genen hadden. Rafs verhaal geeft hoop aan de in klei gewortelde Vlaamse jeugd, met één gesublimeerde boodschap: dat men kan worden wat men wil, als men maar nieuwsgierig genoeg is en er hard genoeg voor werkt. Ook in het verre en vijandige Parijs d’ailleurs, alwaar men malkaar de strot afbijt, reeds bij het ochtendgloren, in de wachtrij voor een stokbrood. From rags to richess, from gutter to glory: een mooiere histoire hebben we hier de laatste jaren nog niet gehad. Niet dat Rafs succes en kinderjaren al uitgebreid in de ongespecialiseerde pers behandeld zijn geweest - daarvoor vindt men zowel de mode als Raf veel te vreemde beestjes. Soit.
U vraagt zich intussen misschien wel af hoe groot de invloed van de Vijf intussen is, op de modewereld en op de mode in de breedste zin van het woord. Honnêtement, beste lezer, ik zou het voorlopig niet weten. Mijn naam is LaLièvre en ik weet echt van niks. Maar ik hoor wel een en ander in de wandelgangen. U weet het dus niet van mij, maar ik heb uit betrouwbare bron vernomen dat er hier bij de achterblijvers flink wordt gevloekt. Men beweert dat het creatieve vijftal niet alleen de koers van Dior bepaalt, maar ook de koers van de modewereld. Tenminste toch: van wat er in toonaangevende magazines verschijnt, wereldwijd. Van welke modellen voor wie mogen defileren. Van wat er in de winkels komt. Ze vormen, met andere woorden, een soort van bedreiging voor de rest van de modewereld. Een soortement briljante en stijlvolle maffia, zo u wil.

Dior-F14-011Straks wordt Lagerfeld wakker met een stilistisch zeer verantwoorde paardenkop in zijn bed. Of met de bloedende kop van Mastouche, Moustiche, Mimolette, of hoe heet die verwende haarbal van hem ook alweer. Straks worden vrachtwagens die ELLE, Vogue of Harper’s van de drukker naar de verdelers brengen in een hinderlaag gelokt en in brand gestoken. In het besef dat ik hier straks als spijtoptant omgekeerd aan mijn voorgevel kan belanden, richt ik de volgende bede speciaal tot mijn lieveling Raf, van wie ik elke nacht droom, doch zeer platetisch, want ik zou zijn creatieve gedachtestroom niet willen bezoedelen met mijn vleselijke vunzigheden. Beste Raf, allerliefste getalenteerde Neerpeltiaanse held. Je vous en prie, zorg toch dat niemand gewond raakt bij al het magnifieke dat u uit uw koker tovert. Toon u lankmoedig. En wees mild voor degenen die niet zo nieuwsgierig zijn geweest, of niet zo hard hebben gewerkt.

Lees de column van Amelié O. elke maand in ELLE magazine.